Freek Ossel, wethouder voor onder andere Wonen en de Openbare Ruimte in Amsterdam, hield vorige week in het parool een vurig pleidooi voor de urgentie te blijven investeren in wijken waar een stapeling van complexe problematiek heerst. Hij noemde de Dobbebuurt in Amsterdam Nieuw West, waar allochtonen nog steeds niet of nauwelijks achter hun deuren vandaan komen, kinderen met taalachterstand, mensen met laag opleidingsniveau, hoge werkloosheidscijfers. Gecombineerd met slechte behuizing, grote gezinnen die vaak in kleine, slecht onderhouden woningen wonen.
Financiële investeringen zijn echter lastig. De maatschappelijke context is nu een andere dan vijf of tien jaar geleden. Toen waren er grote investeringsmogelijkheden vanuit de overheid en corporaties via de stedelijke vernieuwingsgelden en de budgetten van “Vogelaar”. Deze investeringsstromen zijn opgedroogd, er is een economische crisis en oude systemen lopen vast. Het blauwdruk denken komt remmend en piepend tot zijn einde.
De vernieuwing van de Amsterdamse Westelijke Tuinsteden is daar exemplarisch voor. Deze ingreep in het stedelijk weefsel, zowel sociaal, fysiek als economisch, de grootste van heel Europa, loopt vast. Vernieuwingsplannen vertragen, bouwterreinen blijven braak liggen, bewoners weten niet of en wanneer hun huizen worden gesloopt, nieuwe bewoners zien de voorgestelde toekomstwijk niet in ontwikkeling komen. Daar wordt de pijn gevoeld.
Dat is ingewikkeld, maar het biedt ook kansen voor een nieuw perspectief. De economische crisis wijst ons op de noodzaak op een andere manier naar onze wereld en de samenleving te kijken. Het biedt de mogelijkheid los te komen van aannames over de maakbaarheid van de samenleving en van de stedelijke omgeving. We zouden veel meer baat kunnen hebben bij het idee van de STAD ZIJN. Hierin ga je uit van wat er is, in plaats van wat er zou moeten komen. Ontwikkelingen in de wijken, buurten en straten zouden veel meer een natuurlijk tempo mogen hebben afhankelijk van de dynamiek in de buurten. We zouden beter moeten waarnemen waar de veerkracht en motivatie van bewoners en ondernemers in deze buurten ligt en dat als vertrekpunt nemen van een natuurlijke manier van wijkvernieuwing. De overheid en andere instituties zouden de veerkracht en het creatieve potentieel van deze bewoners moeten stimuleren en ondersteunen.
Freek Ossel pleit voor een flexibel, bewegend doel. Afhankelijk van het vertrekpunt van de straat, buurt of wijk. Geen Normaal Amsterdams Peil (NAP) meer voor alle bewoners in Amsterdam. Geen standaarduitgangspunt en daar ben ik blij om. Iedereen is verschillend en definieert en vindt zijn of haar geluk op een andere manier.
Loes Leatemia, Nieuwe Maan
Op 17 februari 2011 organiseert Nieuwe Maan in opdracht van de gemeente Amsterdam, de Federatie van Amsterdamse Woningcorporaties en het KennisNetwerk Amsterdam de conferentie Wijkvernieuwing in nieuw perspectief.
Zie ook www.natuurlijkewijkvernieuwing.nl